Ingredienten:
De kalkoen wassen en zouten. De kastanjes inkruisen, 10
min. koken in ruim water, afgieten en pellen of de appelen schillen, in vieren
snijden en van de klokhuizen ontdoen. De lichaamsholte van de kalkoen vullen met
de kastanjes of de appelen en desgewenst de kleingesneden salieblaadjes, daarna
dichtbinden. De kalkoen in de boter onder regelmatig bedruipen goudbruin en gaar
braden in een warme oven bij 150 C - 175 C; zonodig tijdens de braadtijd de
kalkoen bedekken met aluminiumfolie of vuurvast kommetje water onder in de oven
plaatsen tegen het uitdrogen.
Braadtijden:
2-4 kg: ca. 2 1/2 uur; 5-7 kg: ca. 3 3/4 uur; ca. 10 kg: ca 4 1/2 uur. (De
kalkoen is gaar als het vlees bij de poten gemakkelijk van het bot loslaat.) Bij
de jus zoveel water schenken en roerend aan de kook laten komen, dat bijna al
het bezinksel oplost. De kastanjes of de appelen uit de kalkoen nemen en deze
laatste voorsnijden. (zie**) De kalkoen in meerdere stukken verdelen en het
borstvlees in plakken snijden. De kastanjes of de appelen, die op smaak
afgemaakt zijn met suiker, om de kalkoen heen leggen.
**)De kalkoen voorsnijden: hiervoor de poten er af snijden, deze desgewenst in
tweeën delen, de vleugels eraf nemen met een stukje borst eraan laten; het
borstvlees in twee stukken eraf nemen. De stukken kalkoen op een voorverwarmde
schaal leggen, iets jus er over schenken. U kunt serveren met b.v een
perzikkencompôte...
Bron: Zeelandnet